Effectonderzoek Fonds 21: Jongeren helpen met hun financiële ontwikkeling

Financiële geletterdheid is een cruciale life skill voor burgerschap in de 21e eeuw. Kinderen groeien op in een steeds complexere wereld waarin ze, naarmate ze ouder worden, moeten leren financieel op eigen benen te staan.

Onderzoek laat echter zien dat veel Nederlandse jongeren niet goed omgaan met geld en al op jonge leeftijd betalingsachterstanden of schulden hebben. Geschat wordt dat ongeveer de helft van jongeren tussen 18 en 27 jaar een schuld heeft gehad in het afgelopen jaar. Mede door het ontbreken van financieel onderwijs in het curriculum van het basis- en middelbaar onderwijs is dit een maatschappelijke zorg.

Bron: Fonds 21

Bron: Fonds 21

Effectonderzoek jongeren en geld

Fonds 21 – een maatschappelijk betrokken fonds gericht op ideële doelen rondom kunst, cultuur en jongeren – steunt een reeks initiatieven die streven dit gat op te vullen en jongeren financiële kennis en vaardigheden te leren.

De vraag waarmee Fonds 21 Sinzer heeft benaderd is om duidelijkheid te krijgen Fonds 21 effectief is in het opvullen van dit gat: hoeveel maatschappelijke impact wordt er gecreëerd met het financieel ondersteunen van deze projecten? Als gevolg hiervan heeft Sinzer samen met Fonds 21 en de betrokken projecten een onderzoek uitgevoerd met het doel samen te leren over impactmeting en over de werkende bestanddelen van de deelnemende projecten.

Door middel van een ‘voor-en-nameting’ evaluatiedesign en een vragenlijst opgesteld in samenwerking met het Nibud zijn de effecten van de projecten op de financiële kennis en kunde van jongeren in kaart gebracht. Daarnaast heeft het onderzoek een kennisbron opgeleverd over de financiële geletterdheid van jongeren in Nederland en de uitdagingen die ze hierbij ondervinden.

Wat hebben we geleerd?

Naast het helpen beantwoorden van bovenstaande vragen, geven dit soort onderzoeken ook inzichten die relevant zijn voor ieder die betrokken is bij financieel onderwijs voor jongeren. De belangrijkste inzichten zijn:

(1) Ouderlijke betrokkenheid is cruciaal voor de financiële ontwikkeling van jongeren

Misschien wel het belangrijkste inzicht van dit onderzoek is de centrale rol die ouders spelen in de financiële ontwikkeling van hun kinderen. Niet alleen voor kinderen is het belangrijk dat het deel uitmaakt van hun opvoeding, maar ook jongeren hebben behoefte aan gesprek met hun ouders over geld. Het onderzoek liet zowel zien dat jongeren die aanvankelijk al bij hun ouders terecht konden voor een gesprek over geldzaken er vaak beter voor stonden - zo sparen deze jongeren bijvoorbeeld meer - maar ook dat deze jongeren een grotere sprong maakten in financiële geletterdheid door de projecten dan jongeren die niet bij hun ouders terecht kunnen voor een gesprek hierover. Dit laatste is waarschijnlijk het gevolg dat jongeren achteraf onduidelijkheden kunnen bespreken en wat het geleerde betekent voor hun eigen situatie met hun ouders.

Verschil in effecten tussen jongeren die wel en geen ouderlijke ondersteuning krijgen

Screenshot at Apr 04 17-15-23.png

(2) Projectduur en intensiteit zijn bepalend voor effectiviteit

Veel projecten trachten met veelal kortlopende interventies (gemiddeld een aantal lessen over een aantal weken) een lacune in het standaard schoolcurriculum te vullen. Dit leidt tot veelzijdige maar ook kleine effecten. Hierdoor is het onrealistisch om significante gedragsveranderingen bij jongeren te verwachten.

(3) Buitenschoolse projecten lijken effectiever dan projecten tijdens lesuren

Dit verschil hangt hoogstwaarschijnlijk samen met de motivatie die jongeren hebben om deel te nemen aan de projecten. Buitenschoolse projecten zijn meestal op vrijwillige basis terwijl projecten in de klas verplicht zijn. Daarnaast is door de buitenschoolse opzet de schaal van deze projecten vaak kleiner en persoonlijker, want het vereist dat jongeren op individuele basis moeten worden geworven. Tot slot richten projecten binnen de lesuren zich vaak op de algemene jongerenpopulatie terwijl buitenschoolse projecten zich meer richten op jongeren met een specifiek risicoprofiel. Deze duidelijke afbakening maakt dat deze projecten hun lesmateriaal en methodiek persoonlijker kunnen maken en meer toegespitst op de behoeften van een bepaalde groep jongeren.

Wat kan Fonds 21 als ideëel fonds met de uitkomsten van dit onderzoek?

Als financiers criteria opstellen waaraan projecten moeten voldoen op basis van bovenstaande inzichten helpt dat effectiviteit van het portfolio vergroten. De onderzoeksresultaten kunnen Fonds 21 helpen bij de selectie van effectieve projecten, maar dragen ook bij aan het verbeteren van de projecten zelf.

Een bijzondere opbrengst van het onderzoeksproject was een bijeenkomst waarin Sinzer de onderzoeksresultaten deelde met de deelnemende projecten. Hieruit kwam een inhoudelijke uitwisseling op gang waarin de projecten hun leerpunten staafden aan het onderzoek en elkaar tips gaven over hoe ze hun programma’s kunnen verbeteren.

Op die manier kan een fonds niet alleen een belangrijke geldschieter zijn, maar ook een facilitator van een leertraject met zijn grantees. Eén waarin ze samen hun maatschappelijke impact vergroten.

Het volledige onderzoeksrapport is hier te vinden.